G. Toelichting op de geconsolideerde balans
1. Materiële vaste activa
Het verloop van de materiële vaste activa in 2025 is als volgt weer te geven.
1.1. DAEB-vastgoed in exploitatie
| Boekjaar | Boekjaar | ||||
|---|---|---|---|---|---|
| 2025 | 2024 | ||||
| Cumulatieve verkrijgings- of vervaardigingsprijs | € 220.793.291 | € 213.881.919 | |||
| Cumulatieve herwaarderingen | € 483.011.738 | € 409.526.807 | |||
| Boekwaarde per 1 januari | € 703.805.029 | € 623.408.726 | |||
| Investeringen bestaand bezit | € 2.732.561 | € 1.227.263 | |||
| Oplevering vastgoed in ontwikkeling | € 2.214.993 | € 5.720.884 | |||
| Investeringen aankoop | € 312.494 | € - | |||
| Verkrijgings- of vervaardigingsprijs desinvestering | € - | € -36.775 | |||
| Verkrijgings- of vervaardigingsprijs Herclassificatie | € -374.819 | € - | |||
| Herwaarderingen Herclassificatie | € -331.097 | € - | |||
| Herwaarderingen desinvestering | € - | € -131.624 | |||
| Herwaardering vastgoed in exploitatie | € 55.057.146 | € 73.616.555 | |||
| Totaal mutaties | € 59.611.278 | € 80.396.303 | |||
| Cumulatieve verkrijgings- of vervaardigingsprijs | € 225.678.520 | € 220.793.291 | |||
| Cumulatieve herwaarderingen | € 537.737.787 | € 483.011.738 | |||
| Boekwaarde per 31 december | € 763.416.306 | € 703.805.029 |
1.2. Niet-DAEB-vastgoed in exploitatie
| Boekjaar | Boekjaar | ||||
|---|---|---|---|---|---|
| 2025 | 2024 | ||||
| Cumulatieve verkrijgings- of vervaardigingsprijs | € 2.849.469 | € 2.843.773 | |||
| Cumulatieve herwaarderingen | € 3.337.099 | € 2.780.146 | |||
| Boekwaarde per 1 januari | € 6.186.568 | € 5.623.919 | |||
| Investeringen en oplevering nieuwbouw | € 623 | € 5.696 | |||
| Verkrijgings- of vervaardigingsprijs Herclassificatie | € 374.819 | € - | |||
| Herwaarderingen herclassificatie | € 331.097 | € - | |||
| Herwaardering vastgoed in exploitatie | € 907.465 | € 556.953 | |||
| Totaal mutaties | € 1.614.004 | € 562.648 | |||
| Cumulatieve verkrijgings- of vervaardigingsprijs | € 3.224.911 | € 2.849.469 | |||
| Cumulatieve herwaarderingen | € 4.575.661 | € 3.337.099 | |||
| Boekwaarde per 31 december | € 7.800.572 | € 6.186.569 |
Totaal in exploitatie
| Boekjaar | Boekjaar | ||||
|---|---|---|---|---|---|
| 2025 | 2024 | ||||
| Boekwaarde per 1 januari | € 709.991.597 | € 629.032.645 | |||
| Mutaties | € 61.225.282 | € 80.958.952 | |||
| Boekwaarde per 31 december | € 771.216.878 | € 709.991.598 |
Toegepaste waarderingsgrondslag
Zowel het DAEB- als het niet-DAEB-vastgoed in exploitatie is gewaardeerd tegen de marktwaarde in verhuurde staat die is bepaald op basis van het ‘Handboek modelmatig waarderen marktwaarde’ die als bijlage is opgenomen bij de Regeling Toegelaten Instellingen Volkshuisvesting (RTIV). Bij het bepalen van de marktwaarde is de basisversie van het waarderingshandboek gehanteerd voor woongelegenheden, MOG, en parkeergelegenheden. De variabelen in de berekening zijn conform het waarderingshandboek gehanteerd. Aangezien de basisversie van het waarderingshandboek is gehanteerd, is de marktwaarde niet gebaseerd op een waardering door een onafhankelijke en ter zake deskundige taxateur.
Voor een zevental BOG-objecten is de marktwaarde bepaald op basis van de full-versie. Het betreft een zevental bijzondere BOG-objecten. De full waardering is uitgevoerd door een onafhankelijke en ter zake deskundige taxateur.
Waarderingscomplex
Een waarderingscomplex is een samenstel van verhuureenheden, dat in principe bestaat uit vergelijkbare verhuureenheden wat betreft type vastgoed, bouwperiode en locatie, en dat als één geheel aan een derde partij in verhuurde staat verkocht kan worden. Er bestaat geen minimum of maximum voor het aantal verhuureenheden in een waarderingscomplex. Het kan voorkomen dat een waarderingscomplex bestaat uit zowel DAEB- als niet-DAEB-vastgoed. Compaen heeft op basis van bovenstaande criteria in totaal 119 waarderingscomplexen geïdentificeerd. De waarderingscomplexen ten behoeve van de berekening van de marktwaarde zijn door middel van de volgende indeling bepaald:
Methoden
De marktwaarde is verhuurde staat is bepaald op basis van de DCF-methode (discounted cash flow) en is per categorie vastgoed als volgt:
- Woongelegenheden: de hoogste waarde van de twee scenario’s (doorexploiteerscenario of uitpondscenario) leidt tot de marktwaarde van het waarderingscomplex;
- Bedrijfsmatig en maatschappelijk onroerend goed: doorexploiteerscenario;
- Parkeergelegenheden: de hoogste waarde van de twee scenario’s (doorexploiteerscenario of uitpondscenario) leidt tot de marktwaarde van het waarderingscomplex
Vanaf 2011 wordt door Compaen een eigen leegstandsoverzicht bijgehouden. Dit overzicht is als basis gebruikt voor de mutatiekansen op complexniveau (de gemiddelde mutatiegraad) van de afgelopen 5 jaar zoals die zijn ingerekend in de marktwaarde. Voor de mutatiekans wordt een minimale mutatiekans van 2% gehanteerd. Voor complexen waarbij de mutatiegraad lager is dan 4% wordt, conform het handboek, uitgegaan van 4%. De complexen waarin woningen zijn verkocht zijn bestempeld als aangebroken complex en de overige complexen niet (dit in verband met de opslag van 2% op de mutatiekans indien sprake is van een niet-aangebroken complex).
Parameters
Bij de berekening van de parameters zijn de voorgeschreven parameters zoals deze blijken uit het Handboek Modelmatig Waarderen zoals opgenomen in bijlage 2 van de Regeling Toegelaten Instellingen Volkshuisvesting 2015 gebruikt.
De belangrijkste parameters voor de woongelegen zijn:
| 2024 | 2025 | 2024 |
|---|---|---|
| Disconteringsvoet | 4,99% tot 7,62% | 4,86% tot 6,31% |
| Exit yield | 3,25% tot 6,39% | 2,25% tot 8,14% |
| Gemiddelde mutatiekans | 5,57% | 5,80% |
| Gemiddelde markthuur (per eenheid per maand) | € 1.247 | € 1.060 |
In het doorexploiteerscenario wordt de huur bij mutatie aangepast naar de markthuur of de maximale huur, afhankelijk of de woongelegenheid bij mutatie is te liberaliseren.
- Indien de maximale huur lager dan of gelijk is aan de huurliberalisatiegrens, dan is de nieuwe huur het minimum van de markthuur en de maximale huur volgens het woningwaar-deringsstelstel.
- Indien de maximale huur hoger is dan liberalisatiegrens, dan is de nieuwe huur de markthuur.
De belangrijkste parameters voor het bedrijfsmatig en maatschappelijk vastgoed alsmede zorgvastgoed zijn:
| 2025 | 2024 | |
|---|---|---|
| Disconteringsvoet | 10,06% | 9,74% |
| Exit yield | 10,10% tot 44,20% | 9,92% tot 33,35% |
| Gemiddelde restant looptijd contracten | 3 jaar | 1,7 jaar |
| Gemiddelde markthuur per m2 VVO per maand | € 130,04 | € 107,32 |
De belangrijkste parameters voor de parkeergelegenheden zijn:
| 2025 | 2024 | |
|---|---|---|
| Disconteringsvoet | 8,26% tot 8,35% | 7,94% tot 8,03% |
| Exit yield | 7,52% tot 108% | 7,22% tot 64,79% |
| Gemiddelde markthuur (per eenheid per maand) | € 46 | € 44 |
Sensitiviteitsanalyse
In onderstaande tabel wordt aangegeven welk effect een positieve of negatieve aanpassing van de WWS punten en m2 heeft op de marktwaarde.
| Mutatie t.o.v. uitgangspunt | Effect op de marktwaarde | |
|---|---|---|
| WWS punten | 10% hoger | € 11.634.245 |
| WWS punten | 10% lager | € -39.775.277 |
| M2 | 10% hoger | € 11.626.247 |
| M2 | 10% lager | € -14.557.031 |
Inschakeling taxateur
Één BOG-complex (bestaand uit zes objecten) en één woning gerelateerd aan dit BOG zijn getaxeerd door een onafhankelijke en ter zake deskundige externe taxateur, ingeschreven bij het Nederlands Register Vastgoed Taxateurs. Het taxatiedossier is op aanvraag beschikbaar voor de Autoriteit woningcorporaties (Aw).
Toepassing vrijheidsgraden:
Exit yield: deze vrijheidsgraad is toegepast. Taxateur acht een inschatting van de exit yield op basis van het model taxateur (waarbij ondermeer de aanwezige huurpotentie als uitgangspunt wordt gehanteerd), beter passend en tot meer marktconforme waarderingsuitkomsten leiden.
Disconteringsvoet: deze vrijheidsgraad is toegepast. Taxateur is van mening dat de disconteringsvoet die tot stand komt op grond van de basisversie onvoldoende recht doet aan dit onderliggende complex en heeft derhalve voor dit specifieke complex een inschatting gemaakt van de disconteringsvoet.
Verloop marktwaarde 2025
De marktwaarde toont het volgende verloop:
| DAEB | Niet-DAEB | Totaal | ||||
|---|---|---|---|---|---|---|
| Stand 1 januari 2025 (x € 1.000,-) | € 703.805 | € 6.187 | € 709.992 | |||
| Mutaties in het bezit ((des)investeringen, overboekingen, reclassificaties) | € 2.583 | € 706 | € 3.289 | |||
| Aanpassingen naar aanleiding van validatie handboek | € 38.839 | € 83 | € 38.922 | |||
| Belangrijkste oorzaken van waardemutatie onderverdeeld naar marktontwikkelingen | ||||||
| - Disconteringsvoet | € -48.806 | € -369 | € -49.175 | |||
| - Leegwaarde | € 13.349 | € 147 | € 13.496 | |||
| - WOZ-waarde | € 32.173 | € 208 | € 32.381 | |||
| - Mutatiekans | € 36 | € 381 | € 417 | |||
| - Markthuur | € 23.343 | € 176 | € 23.519 | |||
| - Instandhoudings- en mutatieonderhoud | € -18.056 | € -124 | € -18.180 | |||
| - Overige mutatie objectgegevens | € 23.994 | € 439 | € 24.433 | |||
| - Belastingen en verzekeringen | € -263 | € -3 | € -266 | |||
| Overige oorzaken waardemutaties | € -7.582 | € -29 | € -7.611 | |||
| Stand per 31 december 2025 | € 763.415 | € 7.802 | € 771.217 |
Verloop marktwaarde 2024
De marktwaarde toont het volgende verloop:
| DAEB | Niet-DAEB | Totaal | ||||
| Stand 1 januari 2024 (x € 1.000,-) | € 623.409 | € 5.624 | € 629.033 | |||
| Mutaties in het bezit ((des)investeringen, overboekingen, reclassificaties) | € 5.815 | € - | € 5.815 | |||
| Aanpassingen naar aanleiding van validatie handboek | € 75.287 | € 232 | € 75.519 | |||
| Belangrijkste oorzaken van waardemutatie onderverdeeld naar marktontwikkelingen | ||||||
| - Disconteringsvoet | € -41.721 | € -242 | € -41.963 | |||
| - Leegwaarde | € 27.365 | € 248 | € 27.613 | |||
| - WOZ-waarde | € 4.169 | € 371 | € 4.540 | |||
| - Mutatiekans | € -2.251 | € -127 | € -2.378 | |||
| - Markthuur | € 1.005 | € - | € 1.005 | |||
| - Instandhoudings- en mutatieonderhoud | € -3.717 | € -48 | € -3.765 | |||
| - Overige mutatie objectgegevens | € 16.433 | € 161 | € 16.595 | |||
| - Belastingen en verzekeringen | € -1.344 | € -11 | € -1.355 | |||
| Overige oorzaken waardemutaties | € -645 | € -21 | € -667 | |||
| Stand per 31 december 2024 | € 703.805 | € 6.187 | € 709.992 |
Beleidswaarde
De beleidswaarde ultimo 2025 bedraagt € 463,5 miljoen. Ter vergelijking, in 2024 bedraagt de beleidswaarde € 453 miljoen. Dit betekent een stijging van 2,32%.
Voor de bepaling van de beleidswaarde zijn de volgende uitgangspunten gehanteerd:
| Uitgangspunt gemiddeld per woning voor: | 2025 | 2024 |
|---|---|---|
| Aantal EFG labels | 26 | 40 |
| Streefhuur per maand | € 745 | € 715 |
| Lasten onderhoud per ja | € 2.881 | € 2.719 |
| Lasten beheer per jaar | € 1.013 | € 945 |
Streefhuur
Het streefhuurbeleid van Compaen is in 2024 herzien.
De huurprijzen (na mutatie) worden bepaald op basis van Compaen Product Markt combinatie (C-PMC). Dit kan leiden tot een afwijking in huurprijzen voor woningen met vergelijkbare oppervlakte en kwaliteit. Zo wordt een betere spreiding van huurders binnen wijken gerealiseerd en de beschikbaarheid van woningen in specifieke huursegmenten verbeterd. De huurprijzen zijn ingericht op de aftoppingsgrenzen.
Op dit moment zitten we met onze netto huren op gemiddeld 55% van maximaal redelijk en voor de streefhuren is dat 64%.Met het nieuwe streefhuurbeleid groeien we naar een streefhuurpercentage van gemiddeld 72%.
Als gevolg van de naleving van de passend toewijzen regels is het niet in alle gevallen mogelijk om de streefhuur bij mutatie te realiseren. Dit komt in de praktijk echter zo uitzonderlijk voor dat bij de bepaling van de beleidswaarde is uitgegaan van een realisatiegraad van 100% van de vastgestelde streefhuur
Onderhoud
De ingerekende onderhoudslasten bestaan uit de volgende elementen;
- Reparatieonderhoud
- Mutatieonderhoud
- Contractonderhoud
- Regulier planmatig onderhoud
- Groot onderhoud/renovatie
De in de meer jaren onderhoudsbegroting opgenomen geschatte lasten inzake reparatieonderhoud en mutatieonderhoud zijn mede gebaseerd op ervaringscijfers vanuit het verleden welke worden geïndexeerd met de bouwkostenindex.
Het geschatte contractonderhoud is gebaseerd op aangegane respectievelijk naar verwachting af te sluiten onderhoudscontracten voor de betreffende installaties.
Het planmatig onderhoud betreft het reguliere planmatig onderhoud en het groot onderhoud. Hierbij zijn alle onderhoudskosten aan de binnenzijde van de woning verwerkt op basis van actuele gegevens en zijn de schilderwerkzaamheden op basis van offertes en ramingen ingevoerd. Voor een objectieve conditiemeting van de buitenzijde heeft Radaradvies opdracht gekregen om de kwaliteit van de volledige voorraad te beoordelen en af te prijzen. Deze opdracht is in 2025 volledig afgerond.
EFG labels
Compaen heeft ultimo 2025 nog 26 woningen waarop een E, F of G label van toepassing is.
Beheerlasten
De beheerlastennorm is gebaseerd op de door het bestuur en Raad van Commissarissen goedgekeurde Meerjarenbegroting 2026 - 2030.
Sensitiviteitsanalyse
De bepaling van de beleidswaarde is aan schattingen onderhevig.Teneinde inzicht te geven in de potentiële impact van een alternatieve schatting op de beleidswaarde uitkomst hebben wij de navolgende sensitiviteitsanalyse verricht. In onderstaande tabel wordt aangegeven welke effect een positieve of negatieve aanpassing van de schatting heeft op de beleidswaarde 2025:
| Mutatie t.o.v. uitgangspunt | Effect op de beleidswaarde | |
|---|---|---|
| Disconteringsvoet | 0,5% hoger | € 47.237.012 -/- |
| 0,5% lager | € 56.018.950 | |
| Beleidshuur | 10% hoger | € 48.743.746 |
| 10% lager | € 62.886.371 -/- | |
| Beleidsnorm onderhoud | € 100 hoger | € 13.993.548 -/- |
| € 100 lager | € 13.993.548 | |
| Beleidsnorm beheer | € 100 hoger | € 13.993.548 -/- |
| € 100 lager | € 13.993.548 |
Beleidsmatige beschouwing
Per 31 december 2025 is in totaal € 552 miljoen aan ongerealiseerde herwaarderingen in het eigen vermogen begrepen (2024: € 495 miljoen), zijnde het verschil tussen de marktwaarde in verhuurde staat van het vastgoed in exploitatie en de kostprijs. De waardering van dit vastgoed is in overeenstemming met het handboek modelmatig waarderen met peildatum 2025 bepaald en is daarmee conform de in de Woningwet voorgeschreven waarderingsgrondslag en daaruit afgeleide ministeriële besluiten geldend ten tijde van het opmaken van de jaarverslaggeving.
Uitgaande van waardering tegen beleidswaarde van het vastgoed in exploitatie is een bedrag van € 308 miljoen in het eigen vermogen begrepen dat op basis van het beleid van de corporatie niet kan worden gerealiseerd. De realisatie van het verschil tussen marktwaarde en beleidswaarde is sterk afhankelijk van het te voeren beleid van Compaen. De mogelijkheden voor de corporatie om vrijelijk door (complexgewijze) verkoop of huurstijgingen de marktwaarde in verhuurde staat van het DAEB bezit in exploitatie te realiseren, zijn beperkt door wettelijke maatregelen en maatschappelijke ontwikkelingen, zoals demografie en ontwikkeling van de behoefte aan sociale (DAEB) huurwoningen. Omdat de doelstelling van de corporatie is om duurzaam te voorzien in passende huisvesting voor hen die daar niet zelf in kunnen voorzien, zal van het vastgoed in exploitatie slechts een beperkt deel vervreemd worden. Daarnaast zal bij mutatie van de woning slechts in uitzonderingssituaties de huur worden verhoogd tot de markthuur en zijn de werkelijke onderhouds- en beheerlasten hoger dan ingerekend in de marktwaarde, voortvloeiend uit de beoogde kwaliteiten beheersituatie van de corporatie.Per 31 december 2025 is in totaal € 552 miljoen aan ongerealiseerde herwaarderingen in het eigen vermogen begrepen (2024: € 495 miljoen), zijnde het verschil tussen de marktwaarde in verhuurde staat van het vastgoed in exploitatie en de kostprijs. De waardering van dit vastgoed is in overeenstemming met het handboek modelmatig waarderen met peildatum 2025 bepaald en is daarmee conform de in de Woningwet voorgeschreven waarderingsgrondslag en daaruit afgeleide ministeriële besluiten geldend ten tijde van het opmaken van de jaarverslaggeving.
Verkoopportefeuille
Op basis van het strategisch voorraad beleid zijn er ultimo 2025 nog 13 woningen gelabeld voor verkoop.
Om voldoende woningen beschikbaar te houden beperken we onze verkopen tot maximaal 3 per jaar.
Verzekerde waarde
De feitelijke omstandigheden ten aanzien van het verzekerd bedrag zijn als volgt; alle VHE’s die in eigendom zijn van Compaen zijn verzekerd in de vorm van een brandverzekering. De feitelijke verzekerde waarde per 31 december 2025 is niet bekend, maar indien er aanspraak gemaakt dient te worden op de verzekering, dan wordt door de verzekeraar een externe taxateur ingeschakeld om de waarde op dat moment te bepalen.
1.3. Vastgoed in ontwikkeling bestemd voor eigen exploitatie
| Boekjaar | Boekjaar | ||||
|---|---|---|---|---|---|
| 2025 | 2024 | ||||
| Cumulatieve verkrijgings- of vervaardigingsprijs | € 4.201.523 | € 6.006.056 | |||
| Cumulatieve onrendabele top activa in ontwikkeling | € -1.000.440 | € -2.237.440 | |||
| Boekwaarde per 1 januari | € 3.201.083 | € 3.768.616 | |||
| Investeringen | € 414.433 | € 6.153.351 | |||
| In exploitatie genomen | |||||
| Cumulatieve verkrijgings- of vervaardigingsprijs | € -3.215.433 | € -7.957.884 | |||
| Cumulatieve onrendabele top activa in ontwikkeling | € 1.000.440 | € 2.237.000 | |||
| € -2.214.993 | € -5.720.884 | ||||
| Vorming onrendabele top activa in ontwikkeling | € - | € -1.000.000 | |||
| Correctie voorgaande jaren onrendabele top | € - | € - | |||
| Totaal mutaties | € -1.800.560 | € -567.533 | |||
| Cumulatieve verkrijgings- of vervaardigingsprijs | € 1.400.523 | € 4.201.523 | |||
| Cumulatieve onrendabele top activa in ontwikkeling | € - | € -1.000.440 | |||
| Boekwaarde per 31 december | € 1.400.523 | € 3.201.083 |
1.4. Onroerende en roerende goederen ten dienste van de exploitatie
| Geconsolideerd | Gebouwen en terreinen | Machines en installaties | Andere vaste bedrijfs-middelen | Totaal | |||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Oospronkelijke kosten | € 4.577.716 | € 1.822.715 | € 387.582 | € 6.788.012 | |||||
| Afschrijvingen | € -2.200.374 | € -1.666.968 | € -122.303 | € -3.989.645 | |||||
| Boekwaarde per 1 januari | € 2.377.342 | € 155.747 | € 265.279 | € 2.798.366 | |||||
| Investeringen | € - | € - | € 87.699 | € 87.699 | |||||
| Desinvesteringen aanschafwaarde | € - | € - | € -125.977 | € -125.977 | |||||
| Afschrijvingen lopend boekjaar | € -90.495 | € -16.716 | € -70.745 | € -177.957 | |||||
| Afschrijvingen desinvesteringen | € - | € - | € 96.165 | € 96.165 | |||||
| Totaal mutaties | € -90.495 | € -16.716 | € -12.858 | € -120.069 | |||||
| Oorspronkelijke kosten | € 4.577.716 | € 1.822.715 | € 349.303 | € 6.749.734 | |||||
| Afschrijvingen | € -2.290.869 | € -1.683.684 | € -96.883 | € -4.071.436 | |||||
| Boekwaarde per 31 december | € 2.286.846 | € 139.031 | € 252.421 | € 2.678.299 | |||||
| Levensduur (in jaren) | 30 | 10 | 3 tot 5 |
Afschrijvingstermijnen
De afschrijvingen zijn bepaald op basis van de levensduur. Op woningen, garages en bedrijfsgebouwen wordt lineair afgeschreven.
Verzekeringen
De onroerende goederen in exploitatie zijn per 31 december 2025 verzekerd op basis van brand- en stormverzekering. In de polis is onderverzekering uitgesloten. De onroerende en roerende goederen ten dienste van de exploitatie zijn per 31 december 2025 als volgt verzekerd:
- Kantoorgebouw en werkplaats: uitgebreide opstal;
- Inventaris: uitgebreide inboedel en reconstructieverzekering administratie;
- Vervoermiddelen: allrisk
Verder zijn er nog afgesloten:
- Aansprakelijkheidsverzekering bedrijven;
- Fraude en geldtransport verzekering;
- Bestuurdersaansprakelijkheidsverzekering.
Waardebepaling in het kader WOZ
De waarde van het woningbezit zoals dit gewaardeerd is volgens de normen van de Waardevaststelling Onroerende Zaken (WOZ) bedraagt per 1 januari 2025 in de gemeente Helmond € 614.808.000 (2024: € 571.332.000) en in de gemeente Geldrop-Mierlo € 354.077.000 (2024: € 302.541.000).
2. Financiële vaste activa
2.1. Deelnemingen
| Boekjaar | Boekjaar | ||||
|---|---|---|---|---|---|
| 2025 | 2024 | ||||
| Woonwagens en standplaatsen beheer BV aandelen | € 4.500 | € 4.500 | |||
| Woonwagens en standplaatsen beh. BV agio storting | € 1.013.000 | € 475.750 | |||
| Woonwagens en standplaatsen beh. BV overige reserves | € -281.678 | € - | |||
| Totaal deelnemingen | € 735.823 | € 480.250 |
2.2. Latente belastingvordering
| Boekjaar | Boekjaar | ||||
|---|---|---|---|---|---|
| 2025 | 2024 | ||||
| Boekwaarde per 1 januari | € 775.998 | € 814.144 | |||
| Mutatie (dis)agio leningportefeuille | € -9.488 | € -4.385 | |||
| Mutatie afschrijvingspotentieel vastgoed in exploitatie | € -148.910 | € -33.761 | |||
| Boekwaarde per 31 december | € 617.600 | € 775.998 |
Latentie voor onroerende zaken in exploitatie
Het beleid van Compaen is erop gericht om in continuïteit woningen aan de doelgroep aan te bieden. Aan het einde van de exploitatieduur van een onroerende zaak zal over het algemeen sloop en vervangende nieuwbouw van de verhuurobjecten plaatsvinden. Fiscaal gezien is er geen sprake van een wijziging van de(gemeentelijke) bestemming van de grond van bouw naar openbaar groen en vindt er derhalve geen fiscale afwikkeling plaats, aangezien de gehele geactiveerde waarde ‘doorschuift’ naar de volgende exploitatie. Compaen is voornemens om aan het einde van de exploitatieduur de woningen te slopen om voorts nieuwbouw te plegen. De fiscale boekwaarde op dat moment zal worden ingebracht als onderdeel van de vervaardigingsprijs van het nieuw te ontwikkelen vastgoed. Hierdoor wordt de boekwaarde niet ten laste van het fiscale resultaat afgewaardeerd en vindt geen fiscale afwikkeling plaats. Deze cyclus doet zich in continuïteit voor, gebaseerd op het op balansdatum bestaande beleidsvoornemen van Compaen, waardoor de situatie ontstaat dat het feitelijke afwikkelmoment (oneindig) ver in de toekomst ligt en daarom de latentie voor het vastgoed in exploitatie op contante waarde nihil bedraagt.
Waarderingsverschil zonnepanelen
Compaen heeft zonnepanelen geplaatst om haar bezit te verduurzamen. In het verleden (t/m 2022) werden zonnepanelen fiscaal onder voorwaarden als zelfstandig bedrijfsmiddel aangemerkt, zodat de volledige aanschafwaarde voor afschrijving in aanmerking komt (en niet getoetst hoeft te worden aan de bodemwaarde). Op basis van een recente uitspraak door de Rechtbank is besloten om de zonnepalen op te nemen als onderdeel van het bedrijfsmiddel en derhalve niet langer fiscaal af te schrijven.
Hierdoor is de latente belastingvordering.
| waarderings- verschil | gemiddeld tarief VPB | nominale latentie | contante latentie | stand 1 januari 2025 | mutatie | stand 31 december 2025 | |
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| € - | 25,00% | € - | € - | € - | € - | € - |
ATAD rentebeperking
Vanaf 1 januari 2019 is in de Wet op de Vennootschapsbelasting een renteaftrekbeperking (ATAD) opgenomen. De renteaftrekbeperking houdt kort gezegd in dat maximaal 20% van de ‘gecorrigeerde fiscale winst’ als rente in aftrek kan worden genomen. Tot € 1.000.000 rentelasten kan altijd in aftrek worden gebracht (drempel). Op basis van de fiscale positie 2024 bedraagt de gestalde rente per 31 december 2024 € 9.667.183. De rente die als gevolg van de aftrekbeperking niet is afgetrokken, kan worden gestald en mogelijk in de toekomst alsnog worden afgetrokken als in andere jaren ruimte voor aftrek ontstaat.
Op basis van de meeste recente fiscale meerjarenbegroting (2025-2034)is de verwachting dat deze rente niet aftrekbaar is binnen een afzienbare periode. Er is daarom geen latentie gevormd.
| waarderings- verschil | gemiddeld tarief VPB | nominale latentie | contante latentie | stand 1 januari 2025 | mutatie | stand 31 december 2025 | |
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| € 9.667.183 | 25,80% | € 2.494.133 | € - | € - | € - | € - |
(Dis)agio leningportefeuille
Omdat Compaen de vaststellingsovereenkomst voor woningcorporaties VSO2 heeft ondertekend, zijn bij het opstellen van de fiscale openingsbalans op 1 januari 2008 de leningen gewaardeerd op de marktwaarde.Deze marktwaarde is destijds bepaald door alle kasstromen tegen een voorgeschreven rentepercentage contant te maken. Het verschil tussen de berekende marktwaarde en nominale waarde van de leningen, het (dis)agio, is op 1 januari 2008 gewaardeerd en wordt gedurende de looptijd van de onderliggende leningen verminderd.
Met ingang van 1 januari 2023 heeft de Belastingdienst VSO2 opgezegd. In een brief bevestigt de Belastingdienst dat een (dis)agio dat ultimo 2023 resteert in de resterende looptijd van de leningen wordt afgeschreven ten bate van / ten laste van het de fiscale winst gedurende de looptijd van de leningen. Het waarderingsverschil op de leningen is tijdelijk en wordt binnen afzienbare tijd gerealiseerd, gedurende de resterende looptijd van de leningen. De mutaties zijn goed in te schatten.
Ultimo 2025 is het waarderingsverschil € 844.580.Hiervoor is een latentie gewaardeerd van € 192.316.
| waarderings- verschil | gemiddeld tarief VPB | nominale latentie | contante latentie | stand 1 januari 2025 | mutatie | stand 31 december 2025 | |
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| € 844.580 | 25,80% | € 217.902 | € 192.316 | € 201.804 | € -9.488 | € 192.316 |
De latentie heeft een looptijd van 12 jaar.
Afschrijvingspotentieel
Commercieel wordt op het vastgoed niet afgeschreven. Fiscaal wordt wel afgeschreven, waarbij de fiscale afschrijving wordt berekend op de aanschafwaarde verminderd met de restwaarde gedeeld door de economische levensduur. Als de fiscale boekwaarde de bodemwaarde bereikt, kan niet verder worden afgeschreven. De bodemwaarde voor verhuurd vastgoed wordt gesteld op 100% van de WOZ-waarde. Doordat commercieel niet en fiscaal wel wordt afgeschreven, heeft dit invloed op de realisatie van het waarderingsverschil.
Voor het bezit van Compaen is het zogenaamde afschrijvingspotentieel (verschil tussen de fiscale boekwaarde en de bodemwaarde) berekend en vervolgens bepaald hoe deze in de komende jaren wordt afgewikkeld. Hierbij is voor de bodemwaarde uitgegaan van de WOZ-waarde 2025 (peildatum 1 januari 2024). Voor zover de fiscale boekwaarde van een woning hoger is dan de commerciële boekwaarde, wordt het waarderingsverschil kleiner als op deze woning fiscaal wordt afgeschreven. Een deel van het waarderingsverschil wordt hierdoor binnen een redelijke termijn gerealiseerd. Voor dit deel wordt in de jaarrekening een belastinglatentie opgenomen.
De berekende latentie is als volgt weer te geven:
De berekende latentie is als volgt weer te geven:
Afschrijvingspotentieel DAEB
| waarderings- verschil | gemiddeld tarief VPB | nominale latentie | contante latentie | stand 1 januari 2025 | mutatie | stand 31 december 2025 | |
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| € 1.931.941 | 25,80% | € 498.441 | € 425.284 | € 574.194 | € -148.910 | € 425.284 |
Afschrijvingspotentieel Niet-DAEB
| waarderings- verschil | gemiddeld tarief VPB | nominale latentie | contante latentie | stand 1 januari 2025 | mutatie | stand 31 december 2025 | |
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| € - | 25,80% | € - | € - | € - | € - | € - |
De latentie heeft een looptijd van 15 jaar.
De disconteringsvoet van bovenstaande latenties bedraagt 2,03%. Het deel van de latenties dat binnen 1 jaar verrekenbaar is, bedraagt € 63k.
2.3. Leningen u/g
| Boekjaar | Boekjaar | ||||
|---|---|---|---|---|---|
| 2025 | 2024 | ||||
| Saldo begin boekjaar | € 173.954 | € 183.250 | |||
| - aflossingen | € -9.668 | € -9.296 | |||
| Saldo einde boekjaar | € 164.286 | € 173.954 |
Het rentepercentage van de uitstaande lening bedraagt ultimo boekjaar 4%. Op 23 oktober 2025 is besloten dat het resterende saldo van de aan de B.V. verstrekte lening per 1 januari 2026 wordt omgezet in eigen vermogen. De lening wordt per die datum geherclassificeerd van lening u/g naar een agiostorting op de deelneming, waarbij de rente- en aflossingsverplichtingen vervallen.
Zekerheden
Er zijn geen zekerheid ten aanzien van de leningen u/g gesteld.
Vlottende activa
3. Voorraden
| Boekjaar | Boekjaar | ||||
|---|---|---|---|---|---|
| 2025 | 2024 | ||||
| Voorraad magazijn | € 57.963 | € 94.675 | |||
| Totaal overige voorraad | € 57.963 | € 94.675 |
4. Vorderingen
4.1. Huurdebiteuren
| Boekjaar | Boekjaar | ||||
|---|---|---|---|---|---|
| 2025 | 2024 | ||||
| Nominale waarde debiteuren | € 138.971 | € 142.905 | |||
| Voorziening dubieuze vorderingen DAEB | € -26.879 | € -93.969 | |||
| € 112.092 | € 48.936 |
4.2. Overheidsinstellingen
| Boekjaar | Boekjaar | ||||
|---|---|---|---|---|---|
| 2025 | 2024 | ||||
| Bijdragen woning aanpassingen minder validen | € 318 | € 357 | |||
| Totale bijdrage overheidsinstellingen | € 318 | € 357 |
4.3. Belastingen en premies sociale verzekeringen
| Boekjaar | Boekjaar | ||||
|---|---|---|---|---|---|
| 2025 | 2024 | ||||
| Vennootschapsbelasting | € 724.592 | € 475.340 | |||
| Totaal belastingen en premies sociale verzekeringen | € 724.592 | € 475.340 |
De openstaande belastingvordering heeft betrekking op de boekjaren 2020 (€ 79.038), 2024 (€ 227.304) en 2025 (€ 418.250).
4.4. Overige vorderingen
| Boekjaar | Boekjaar | ||||
|---|---|---|---|---|---|
| 2025 | 2024 | ||||
| Diverse vorderingen op zittende/vertrokken huurders | € 155.074 | € 129.025 | |||
| Van wbv Compaen te ontv. voorschot stroomverbruik | € 52.109 | € 80.862 | |||
| Totaal overige vorderingen | € 207.183 | € 209.886 |
4.5. Overlopende activa
| Boekjaar | Boekjaar | ||||
|---|---|---|---|---|---|
| 2025 | 2024 | ||||
| Vooruitbetaalde bedragen | € 353.026 | € 361.046 | |||
| Transitoria onderhoudslasten | € -8.966 | € 22.171 | |||
| Nog te ontvangen bedragen | € 2.872 | € 5.248 | |||
| Overige | € 65.175 | € - | |||
| Totaal overlopende activa | € 412.107 | € 388.465 |
Onder de overige vorderingen en overlopende activa bevinden geen posten met een looptijd langer dan 1 jaar.
5. Liquide middelen
| Boekjaar | Boekjaar | ||||
|---|---|---|---|---|---|
| 2025 | 2024 | ||||
| Kas | € 130 | € 670 | |||
| Rabobank | € 2.676.582 | € 3.552.620 | |||
| Totaal liquide middelen | € 2.676.713 | € 3.553.290 |
6. Groepsvermogen
| Herwaarderings- reserve |
Overige reserves |
Totaal | |||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Stand per 1 januari 2024 | € 422.256.950 | € 82.264.950 | € 504.521.900 | ||||
| Mutaties in het boekjaar | |||||||
| Realisatie herwaardering als gevolg van desinvestering | € -131.624 | € - | € -131.624 | ||||
| Resultaat boekjaar 2024 | € 73.451.597 | € 4.002.684 | € 77.454.281 | ||||
| Boekwaarde per 1 januari 2025 | € 495.576.923 | € 86.267.634 | € 581.844.557 | ||||
| Mutaties in het boekjaar | |||||||
| Realisatie herwaardering als gevolg van desinvestering | € - | € - | € - | ||||
| Resultaat boekjaar 2025 | € 55.964.610 | € 1.552.143 | € 57.516.752 | ||||
| Boekwaarde per 31 december 2025 | € 551.541.533 | € 87.819.777 | € 639.361.310 |
Eigen vermogen
Per 31 december 2025 is in totaal € 552 miljoen aan ongerealiseerde herwaarderingen in het eigen vermogen begrepen (2024: € 495 miljoen), zijnde het verschil tussen de marktwaarde in verhuurde staat van het vastgoed in exploitatie en de kostprijs. De waardering van dit vastgoed is in overeenstemming met het Handboek modelmatig waarderen bepaald en is daarmee conform de in de Woningwet voorgeschreven waarderingsgrondslag en daaruit afgeleide ministeriële besluiten geldend ten tijde van het opmaken van de jaarverslaggeving.
Bestemming van het resultaat over het boekjaar 2024
Het resultaat 2024 is overeenkomstig de statuten toegevoegd aan het vermogen.
Voorstel tot bestemming van het resultaat over het boekjaar 2025
De bestuurder stelt voor het resultaat over het boekjaar 2025 toe te voegen aan het vermogen.Dit voorstel is reeds in de jaarrekening verwerkt.
Voor onroerende zaken in exploitatie die tegen marktwaarde worden gewaardeerd, moet voor het positieve verschil tussen de marktwaarde en de historische kostprijs een reserve worden gevormd. Deze herwaarderingsreserve wordt gevormd ten laste van de vrije reserves.
Bij het bepalen van de herwaarderingsreserve wordt geen rekening gehouden met afschrijvingen.
7. Voorzieningen
7.1. Voorziening onrendabele investeringen
| Boekjaar | Boekjaar | ||||
|---|---|---|---|---|---|
| 2025 | 2024 | ||||
| Saldo begin boekjaar | € - | € 1.000.000 | |||
| Renovatie project Kerssemakersstraat | € 439.000 | € - | |||
| Nieuwbouw project Landkaartje | € - | € -1.000.000 | |||
| Totaal voorziening einde boekjaar | € 439.000 | € - |
7.2. Overige voorzieningen
| Boekjaar | Boekjaar | ||||
|---|---|---|---|---|---|
| 2025 | 2024 | ||||
| Boekwaarde per 1 januari | € 70.812 | € 61.519 | |||
| Bij: dotaties | € 30.433 | € 23.217 | |||
| Af: opnames | € -8.685 | € -1.636 | |||
| Af: vrijval boekjaar | € -17.073 | € -12.286 | |||
| Boekwaarde per 31 december | € 75.488 | € 70.812 |
8. Langlopende schulden
8.1. Leningen kredietinstellingen
| Boekjaar | Boekjaar | ||||
|---|---|---|---|---|---|
| 2025 | 2024 | ||||
| Saldo begin boekjaar | € 136.017.055 | € 130.931.209 | |||
| Bij: nieuwe leningen | € 8.000.000 | € 10.000.000 | |||
| Af: aflossing roll-over | € -2.000.000 | € - | |||
| Totaal | € 142.017.055 | € 140.931.209 | |||
| Aflossing geborgde leningen | € -4.265.185 | € -4.180.196 | |||
| Aflossing ongeborgde leningen | € -2.238.592 | € -652.729 | |||
| Aflossing agio leningruil Vestia | € -40.941 | € -81.229 | |||
| Totaal leningen kredietinstellingen | € 135.472.337 | € 136.017.055 | |||
| Aflossingsverplichtingen komend boekjaar | € -4.860.777 | € -4.924.432 | |||
| Totaal langlopende schulden | € 130.611.560 | € 131.092.623 |
Het gemiddelde rentepercentage van de afgesloten leningen bedraagt ultimo boekjaar 2,79%. De gemiddelde restant looptijd van de afgesloten leningen (op basis van de kasstroom aflossingen) bedraagt ultimo 2025 13,14 jaar. De looptijd van de leningen betreft voor alle leningen langer dan 5 jaar.
Het WSW staat borg voor de leningen met achtervang van de gemeente (gedeelte langlopend dat geborgd is betreft per 31 december 2025: € 130.644.963; 2024: € 126.910.148)
De saldo langlopende schulden met een aflossingsverplichting tussen de 2 jaar en 5 jaar bedraagt € 20.642.477. De aflossingsverplichting met een looptijd langer dan 5 jaar bedraagt € 109.969.083.
De marktwaarde van de leningen bedraagt ultimo 2025 € 126.041.000 (inclusief opgelopen rente ad € 1.790.000). De marktwaarde van de leningen is berekend tegen de swapcurve op basis van 6-maands Euribor, zonder opslag. Er is geen opslag ingerekend omdat de uitkomst betrekking heeft op de situatie van discontinuïteit. De marktwaarde bij renteconversie wordt berekend tot het moment van renteconversie.
9. Kortlopende schulden
9.1. Schulden aan kredietinstellingen
| Boekjaar | Boekjaar | ||||
|---|---|---|---|---|---|
| 2025 | 2024 | ||||
| Kortlopend deel van de langlopende schulden | € 4.860.777 | € 4.924.432 | |||
| Totaal kortlopende schulden aan kredietinstellingen | € 4.860.777 | € 4.924.432 |
9.2. Schulden aan leveranciers
| Boekjaar | Boekjaar | ||||
|---|---|---|---|---|---|
| 2025 | 2024 | ||||
| Schulden aan leveranciers | € 2.619.581 | € 1.265.149 | |||
| Totaal schulden aan leveranciers | € 2.619.581 | € 1.265.149 |
9.3. Belastingen en premies sociale verzekering
| Boekjaar | Boekjaar | ||||
|---|---|---|---|---|---|
| 2025 | 2024 | ||||
| Loonheffing en premies sociale verzekeringen | € 118.051 | € 187.833 | |||
| Omzetbelasting | € 907.320 | € 465.214 | |||
| Totaal belastingen en premies sociale verzekeringen | € 1.025.371 | € 653.047 |
9.4. Overige schulden
| Boekjaar | Boekjaar | ||||
|---|---|---|---|---|---|
| 2025 | 2024 | ||||
| SPW nog af te dragen premies | € 35.881 | € 32.983 | |||
| Totaal overige schulden | € 35.881 | € 32.983 |
9.5. Overlopende passiva
| Boekjaar | Boekjaar | ||||
|---|---|---|---|---|---|
| 2025 | 2024 | ||||
| Niet vervallen rente diverse valutadagen t/m 31-12 | € 1.790.351 | € 1.813.016 | |||
| Vooruitontvangen huur | € - | € 194.698 | |||
| Overige | € 185.058 | € 300.882 | |||
| Totaal overlopende passiva | € 1.975.409 | € 2.308.597 |
Onder de overige schulden en overlopende passiva bevinden geen posten met een looptijd langer dan 1 jaar.
Niet uit de balans blijkende verplichtingen
- Compaen heeft het WSW een volmacht verstrekt om het recht van hypotheek te vestigen op (een deel van) het DAEB-bezit
- Compaen beschikt over leningencontracten waar nog renteconversies gedurende de looptijd van het contract plaatsvinden. Compaen beheerst de risico’s door spreiding in de leningenportefeuille aan te brengen. Compaen heeft alleen leningencontracten in euro’s en loopt daardoor geen valutarisico. Compaen heeft geen extendible leningen met embedded derivaten en geen andere derivaten
- Vanwege het hebben van een fiscale eenheid voor de vennootschapsbelasting en de omzetbelasting met Compaen Energie BV is er sprake van hoofdelijke aansprakelijkheid voor belastingschulden.
- Compaen maakt voor haar werkzaamheden gebruik van onderaannemers. Compaen maakt bij haar onderaannemers gebruik van de BTW verleggingsregeling wat inhoudt dat Compaen de verschuldigde BTW afdraagt aan de fiscus. Compaen betaalt daarnaast de verschuldigde loon-heffingscomponent op de g-rekening van de onderaannemers. In het kader van de wet ketenaansprakelijkheid is er dit jaar en in het verleden geen sprake geweest van issues.
- Compaen is onderhoudscontracten aangegaan waarbij er geen sprake is van langdurige verplichtingen.
- Per 31 december 2025 bedraagt de dekkingsgraad van Pensioenfonds SPW 143,1% (ultimo 2024: 129,0%). Op de langere termijn ligt de vereiste dekkingsgraad op 126,1%. Voor de pensioenregeling betaalt Compaen verplichte of contractuele basispremies aan het pensioenfonds. Behalve de betaling van premies heeft Compaen geen verdere verplichtingen uit hoofde van deze pensioenregelingen. Compaen heeft in geval van een tekort bij het fonds geen verplichting tot het voldoen van aanvullende bijdragen anders dan hogere toekomstige premies.
- In december 2025 heeft Compaen een overeenkomst getekend met ZIG Software b.v. voor de implementatie van ZIG365. Daarmee is Compaen voor 2026 een verplichting aangegaan van € 444.882,-- voor de eenmalige kosten voor implementatie en een meerjarige verplichting van € 256.084,-- per jaar betreffende een abonnementsvergoeding voor ZIG Software voor een initiële duur van vijf jaar.